Toen de HEER zag dat Jakob minder van Lea hield, opende Hij haar moederschoot, terwijl Rachel kinderloos bleef. Lea werd zwanger en bracht een zoon ter wereld, die ze Ruben noemde, ‘want,’ zei ze, ‘de HEER heeft gezien wat ik te verduren heb. Nu zal mijn man van mij houden.’ Ze werd opnieuw zwanger en bracht nog een zoon ter wereld. ‘De HEER heeft gehoord hoe weinig mijn man van me houdt; daarom heeft Hij mij er nog een zoon bij gegeven,’ zei ze, en ze noemde hem Simeon. En weer werd ze zwanger en bracht ze een zoon ter wereld. ‘Nu ik hem drie zonen heb gebaard, zal mijn man zich eindelijk aan mij hechten,’ zei ze. Daarom werd hij Levi genoemd. En nog een keer werd ze zwanger en bracht ze een zoon ter wereld. ‘Nu zal ik de HEER loven!’ riep ze uit, en ze noemde hem Juda. Hierna kreeg ze geen kinderen meer.

Loading

Lees ook deze Berichten:

Genesis 36:1-19 Nakomelingen van Esau 1

Genesis 46:16-30 Jakob met al zijn nakomelingen na...

Genesis 19:1-14 Sodom en Gomorra 4

Genesis 3:1-13 De tuin van Eden 3

Genesis 1:20-31 De schepping van hemel en Aarde 2

Genesis 37:1-11 Jozef verkocht en naar Egypte gebr...

Genesis 18:23-33 Sodom en Gomorra 3

Genesis 15:12-21 Abrams visioen 2

Genesis 22:20-24 Nakomelingen van Nachor

Genesis 38:24-30 Juda en Tamar 3

Genesis 49:16-33 Jakobs levenseinde 5

Genesis 25:1-11 Abrahams levenseinde

Genesis 48:1-12 Jakobs levenseinde 2

Genesis 33:18-20 Dina en Sichem 1

Genesis 43:15-25 Jozefs broers opnieuw in Egypte 2

Genesis 29:15-30 Jakob bij Laban 2

Genesis 43:1-14 Jozefs broers opnieuw in Egypte 1

Genesis 2:1-4 De schepping van hemel en Aarde 3

Genesis 9:18-29 Noach 7

Genesis 25:19-34 Jakob en Esau

Genesis 42:1-17 Jozefs broers in Egypte 1

Genesis 32:17-22 Jakob oog in oog met Esau 2

Genesis 26:23-33 Isaak en Rebekka in Gerar 3

Genesis 28:10-22 Jakobs droom in Betel

Genesis 44:24-34 Jozefs broers opnieuw in Egypte 6

Genesis 45:10-20 Jozefs broers opnieuw in Egypte 8

Genesis 33:12-17 Jakob oog in oog met Esau 5

Genesis 24:31-44 Een vrouw voor Isaak 3

Genesis 27:1-19 Jakob ontneemt Esau de zegen 2

Genesis 10:1-20 Nakomelingen van Noachs zonen 1

Genesis 39:1-8 Jozef en de vrouw van Potifar 1

Genesis 18:16-22 Sodom en Gomorra 2

Genesis 7:1-16 Noach 2

Genesis 5:1-20 Van Adam tot Noach 1

Genesis 26:12-22 Isaak en Rebekka in Gerar 2

Genesis 37:26-36 Jozef verkocht en naar Egypte geb...

Genesis 42:18-28 Jozefs broers in Egypte 2

Genesis 36:31-43 Nakomelingen van Esau 3

Genesis 27:20-33 Jakob ontneemt Esau de zegen 3

Genesis 12:1-9 Abram naar Kanaän

Genesis 4:1-16 Adams zonen 1

Genesis 34:1-12 Dina en Sichem 2

Genesis 47:28-31 Jakobs levenseinde 1

Genesis 33:1-11 Jakob oog in oog met Esau 4

Genesis 2:15-25 De tuin van Eden 2

Genesis 13:2-18 Scheiding tussen Abram en Lot

Genesis 47:1-14 Jakob met al zijn nakomelingen naa...

Genesis 19:15-26 Sodom en Gomorra 5

Genesis 23:10-20 Koop van een familiegraf 2

Genesis 38:15-23 Juda en Tamar 2

Genesis 35:1-15 Jakob opnieuw in Betel 1

Genesis 14:1-13 Lot door Abram bevrijd 1

Genesis 18:1-15 Sodom en Gomorra 1

Genesis 17:1-14 Verbond tussen God en Abram 1

Genesis 20:8-18 Abraham en Sara bij Abimelech 2

Genesis 23:1-9 Koop van een familiegraf 1

Genesis 6:5-22 Noach 1

Genesis 28:1-9 Jakob ontneemt Esau de zegen 5

Genesis 17:15-27 Verbond tussen God en Abram 2

Genesis 2:5-14 De tuin van Eden 1

Genesis 26:34-35 Jakob ontneemt Esau de zegen 1

Genesis 22:1-14 Abraham op de proef gesteld 1

Genesis 14:14-24 Lot door Abram bevrijd 2

Genesis 24:45-57 Een vrouw voor Isaak 4

Genesis 12:10-20-13:1 Abram en Sarai in Egypte

Genesis 3:14-24 De tuin van Eden 4

Genesis 41:1-16 De droom van de farao 1

Genesis 48:13-22 Jakobs levenseinde 3

Genesis 22:15-19 Abraham op de proef gesteld 2

Genesis 31:1-16 Jakob bij Laban 7

0Shares